Hoe refo ben jij?

Het begon allemaal eens toen ik tussen reformatorische prachtleerlingen zat en mee keek met de godsdienstlessen.

‘Hoe refo ben jij?’  pronkt er boven de test uit het boekje wat de refojongeren van de reformatorische scholen krijgen. Een fris en mooi uitziend boekje genaamd: HerVst. De nadruk op de V. Van Vijfhonderd. Je weet wel, vijfhonderd jaar reformatie.

Terwijl het wordt uitgedeeld zit ik tussen de leerlingen. ‘Kijk, dat is Luther op de voorkant, best vet gedaan zo.’ Een interview met verschillende Rotterdamse dominees onder de kop ‘Reformator anno 2017’,  een ander mooi interview met twee oud refo-leerlingen die Rooms Katholiek zijn geworden, een whatsapp-gesprek met Luther, toffe door leerlingen geschreven gedichten en een fijne lay-out van dit alles. Vris dus.

Snel bladeren de leerlingen door naar bladzijde 21. Dé refotest. Ik pak mijn pen en ga het aan.  (Hieronder zie je een paar vragen uit de test) 

____________________________________________________________________________________________

 Uit welke Bijbelvertaling lees je het liefst?
a. De Statenvertaling, dat is de enige goede vertaling die er is.
b. Ik pak uit gewoonte de Statenvertaling, maar vind een andere vertaling niet verkeerd.
c. Een modernere Bijbelvertaling, dan begrijp ik beter wat er staat.
d. Ik lees (bijna) nooit persoonlijk uit de Bijbel.

Ben je een kind van God?
a. Dat durf ik niet te zeggen, ik bid wel elke dag om een nieuw hart.
b. Ja, ik geloof dat Jezus Christus mijn Verlosser is.
c. Nee, het geloof zegt me niet veel.

Welke muziek heeft je voorkeur?
a. ik hou van geestelijke muziek (koor) en instrumentale muziek (klassiek).
b. Ik luister zowel christelijke muziek als popmuziek
c. Ik kan vooral genieten van Sela en Opwekking
d. Christelijke muziek vind ik te soft, doe mij maar popmuziek

Hoe denk je over de kerk?
a. Ik ga het liefst twee keer per zondag naar een kerk waar de preek centraal staat, waar we psalmen zingen en waar vrouwen/meisjes een hoed dragen.
b. Ik ga graag naar een kerk waar het allemaal iets ‘vrijer’ is; het zingen van gezangen in de dienst vind ik fijn en het delen van de geloof is belangrijker dan het uiterlijk
c. Ik ga naar de kerk omdat het moet. Liever ging ik helemaal niet.

Hoe zie je God het meest?
a. Ik zie God vooral als Rechter. Die de wereld en ook mij eens zal oordelen.
b. Ik zie God vooral als Koning. Die alles bestuurt en ook mijn leven leidt.
c. Ik zie God vooral als mijn Vader, vanwege Zijn Zoon Jezus, in Wie ik geloof.
d. Ik zie God vooral als de Afwezige in mijn leven. Ik twijfel of Hij wel bestaat.

Luther vroeg zich af: hoe word ik rechtvaardig voor God? Wat is volgens jou een sleutel woord in het antwoord op de ze vraag?
a. Uitverkiezing
b. Genade
c. Je eigen keuze

Vragen voor meisjes
Wat is jouw kledingstijl?
a. Ik draag altijd een rok of jurk. Veel van mijn kleding is merkkleding.
b. Ik draag meestal een rok of jurk, maar in mijn vrije tijd ook graag een broek. Het volgen van de laatste modetrends vind ik belangrijker dan een merkje op je kleding.
c. Vreselijk, die rok! Zodra ik uit school ben, doe ik een broek aan.
____________________________________________________________________________________________

Met spanning check ik de score.

33-44 punten: jij bent een échte refo. Het geloof is belangrijk voor je, het oud-vertrouwde is waardevol en daarbij horen ook uiterlijke regels.

22-32 punten: je bent wel christen, maar geen refo. Het geloof is belangrijk voor je, vernieuwing en vrijheid horen daarbij: uiterlijke regels vind je minder belangrijk. 

0-21 punten: je bent geen refo en het christelijk geloof zegt je weinig tot niets.

Nou. Ik zit dus in de categorie 22-32 punten. Balen dit. Ik voel me namelijk refo, maar ben het niet.

Boeiende gesprekken ontstaan binnen de groep. De jongen naast me is uitgekomen bij het laagste punten aantal. ‘Ja, ik vind de kerk wel leuk op zich, maar ik heb niet veel met God. Eigenlijk is Hij  afwezig in mijn leven.’  Ergens anders hoor ik weer: ‘Ja, maar ik ben geen kind van God. Maar ik geloof wel dat alleen Jezus je kan verlossen. Maar kun je dat zomaar zeggen dan?’  Weer ergens anders hoor ik: ‘He, deze test is echt raar hoor. Hoe vaker je ‘a’ kiest, hoe hoger en beter je als refo eruit komt! Hoe kan dat nou? Het gaat er toch helemaal niet om wat je voor kleding draagt en hoe zwaarder je gedachten over uiterlijke dingen zijn?! Het lijkt wel dat als je dus niet durft te zeggen dat je een nieuw hart hebt, je een betere refo bent dan als je dat wél durft te zeggen?!’

Spijker op z’n kop. De test is een goed gelukte grap die een enorme spiegel voorhoudt. Wat is er nog over van het reformatorisch zijn. Hebben we het gedegradeerd tot twijfelen aan een genadige God, kleding en nog een keer twijfel? Hebben we het gedegradeerd tot een angstcultuur waar we vooral dingen binnen onze eigen ontwikkelde kaders houden in plaats van de kaders van het frisse Woord van alle tijden? Bestempelen we de jongeren als geen refo, als ze liever een broek dragen en Sela luisteren? Zijn we geen refo, als we liever naar een kerk gaan waar gezangen worden gezongen en waar het belangrijk is om je geloof te delen met elkaar?

Vijfhonderd jaar reformatie. Laten we even een test doen. ‘Hoe Refo zijn we nog?’  De Bijbel alleen lijkt soms onder het stof van onze eigen dogma’s te liggen. Een schema over elke preek, hetzelfde verhaal, zonder de tekst zijn recht te doen. Alsof we niet meer geloven in het Woord alleen, dat scherper en krachtiger is dan wat dan ook. God komt wel voor Zichzelf op als Hij gaat spreken. Daar heeft Hij onze schema’s niet eens voor nodig. Of we hebben Zijn Woord afgedaan als een methode hoe we maatschappelijk verantwoord in deze samenleving kunnen staan en durven niet meer radicaal Zijn woorden uit te spreken. ‘Christus alleen’ lijkt erg op de voorgrond te staan. ‘We prediken niets anders dan Jezus Christus en die gekruisigd.’  Evenals ‘genade alleen’. Al moet er toch best wat bijkomen wat eerst moet gebeuren. We zeggen dan dat het geen voorwaarden zijn, maar ondertussen krijgt de helft van de gemeente een schuldig gevoel omdat het nog geen tranen heeft gelaten en zo weinig zondenbesef voélt. En dan is het niet meer ‘Jezus alleen’, maar lijkt het soms ‘de mens alleen’. ‘Geloof alleen’ lijkt verworden tot ‘ongelofelijk alleen’. Het Woord lijkt niet meer binnen te dringen, het geloof niet meer eenvoudig, de systemen laten ons alleen voelen, worstelend met onze vragen, onmogelijk om helder zicht te krijgen op het geloven alleen. Niets minder. Niets meer.

In mijn eigen leven komt het er ook bekaaid van af. Leven van ‘Genade alleen’ vind ik veel te moeilijk, laat mij maar goede daden doen waardoor ik mij een betere christen voel. Laat mij maar nare dingen denken over een ander, waarmee ik me dan verhef en niet besef dat ik van genade adem mag leven. Laat mij maar mijn eigen verzinselen navolgen, in plaats van het Woord alleen. Dat Woord doet me veel te veel pijn, ik moet er zelf aan. Christus alleen? Het liefst er nog honderd afgodsbeelden van allerlei formaat naast. Geloof alleen. Een bevel van Paulus, wat ik achterdochtig makkelijk vind klinken.

Zo. Laten we even een test doen. Hoe refo zijn we nog? Of een betere vraag: ‘In hoeverre lijken we op Jezus?’ Ik moet terug op mijn knieën. Samen op de knieën. Een beeldenstorm aangaan. In mijn eigen leven. In de kerk. Met het zwaard van het Woord.

Want nog steeds moeten we blijven geloven dat het Gods werk is.

Iets met: ‘Soli Deo Gloria.’

Iets met: ‘Kom, Heilige Geest. Laat Uw heil heel de aard vervullen.’

Gelukkig. God ziet het hart aan. Hij weet of we echt zijn, of witgepleisterde graven. Of we de dingen in Zijn gemeente doen omdat we Jezus willen verheerlijken, of eigenlijk angstvallig onze eigen gedachtes willen verheerlijken.

Laat Uw wind maar waaien door kerkelijk Nederland. Overtuig ons van zonden en ongerechtigheden. Reformeert U maar. Ons hart. Leer ons de schatten van de christenen die ons zijn voorgegaan op de juiste manier omarmen.  Leer ons leven van genade en geloof alleen. Ziende op Jezus alleen!’

Sta op, christen! En fluister het in je gebroken kerk: ‘Soli Deo Gloria.’ God alleen de eer. Leef er uit. Die vaste vreugdegenade. Hou de flinterdunne pagina’s van je Bijbel tussen je vingers. Laat Zijn spreken in je hart wonen. Wees een hoorder en een doener van het Woord. Het kan zomaar een beeldenstorm teweeg brengen, ook al is die misschien nog zo klein. Het kan over 500 jaar nog van invloed zijn.

Advertenties

Alleen

Christus alleen
Geen ander
Niet meer
Alleen Hem deden onze zonden
Dieper dan beseffen zeer
Alleen Hij kan zo vergeven
Jezus alleen
Leer mij zo leven

Geloof alleen
Niets anders
Niets meer
Met hart, ziel en verstand
Eenvoudig zonder wit gepleisterde buitenkant
Alleen Hij kan zoiets geven
De Gever alleen
Leer mij geloof leven

Het Woord alleen
Niets anders
Niets meer
Geen verzinsels van mensen
Of systemen die begrenzen
Alleen Hij geeft waarheid
De Weg alleen
Leer mij dat vasthouden dwars door deze tijd heen

Genade alleen
Niets anders
Niets meer
Geen werken van mezelf
Een gave van boven
Alleen Hij kan het geven
De Genadige alleen
Leer mij er van leven

God alleen de eer
Niets minder
Niets meer
Geen ik of een ander
Uiteindelijk is het Zijn grootsheid
Waarin alles van mij verdwijnt

Soli Deo Gloria.

Zal ik roepen
wil ik leven.

Tot mijn laatste adem
tot de dag dat Hij verschijnt.

Tot het jou overkomt

We kregen les. Een gast college over seksueel misbruik binnen de kerk van Meldpunt Misbruik (www.meldpuntmisbruik.nl) . De sterke vrouw die voorin het klaslokaal stond, vertelde hoe ze soms voorlichtingen gaf in kerken en voor volle zalen met betrekking tot dit onderwerp. ‘Ik weet dan als er zoveel mensen voor mijn neus zitten, dat er sowieso een dader en een slachtoffer van seksueel misbruik onder mijn gehoor zit.’

Ik schudde mijn hoofd. Nee. Dat kon toch niet. Zou het in mijn kerk voorkomen? Zou het écht. Zou binnen een straal van 10 kilometer rondom mijn huis voorkomen? Zou het écht. De artikelen die we ter voorbereiding moesten lezen lieten al mijn ideaal beelden van een veilige kerk en veilige samenleving in duigen vallen. In details treden wíl ik niet eens. Écht niet. Maar soms kneep ik mijn ogen dicht en zuchtte bij het lezen van wat de kinderen en ouderen doorhadden gemaakt. In de kerk, in gezinnen, op straat.

https://www.youtube.com/watch?v=R5uWGxKv_Yk Dit filmpje kwam deze maand het internet op. Na alle ophef die er gekomen was doordat een Hollywoodster zich uitsprak over het misbruik.

Mijn hart deed pijn. Misschien omdat ik me identificeerde met de vrouwelijke leeftijdsgenoten die ik op het beeldscherm zag, met het besef dat ik het had kunnen zijn. ‘Tot dat je het zelf bent..’

Ik zou verhalen kunnen typen. Statements kunnen maken. Maar dat wordt al genoeg gedaan. Door Hollywood sterren en gewone vrouwen en mannen die #MeToo het internet opzenden. Ik zou stille protesten willen lopen en al die jonge meiden willen opzoeken en omarmen. Maar ik kan het niet.

En misschien, misschien ben jij het wel. Die persoon. Die #MeToo. Binnen de kerk, of daarbuiten. In je gezin, of daarbuiten. En loop je rond met een schaamte en pijn die je niet meer zelf kan tillen.

Ik kan nu snel tussen neus en lippen door mompelen, dat Jezus de veiligste Persoon is om naar toe te gaan en bij uit te huilen en al je waaroms, pijn en schaamte naar toe te schreeuwen. Dat zal ik ook menen vanuit de grond van mijn hart. Maar, geef het licht. Geef het lucht. Ik bid dat je hart een plek zal vinden waar het veilig is om je verhaal te delen. Je schaamte van je af te werpen.

En mannen, willen jullie laten zien dat het ook echt anders kan? Dat je vrouwen wél met zorg en liefde kan behandelen? Dat het uiteindelijk allemaal niet alleen maar om lust en macht draait? Want ja, wij vrouwen, we zijn zwak en kwetsbaar.

In Efeze 5:29 schrijft Paulus dat de man zijn vrouw moet voeden en koesteren. Er komt het Griekse woord ‘thalpo’ in voor, wat betekend: zacht maken door warmte of verwarmen betekent.  En ja, tuurlijk dit is de context van het huwelijk, maar het geeft dus ook aan wat een vrouw nodig heeft. Warme liefde vanuit een oprecht hart. Alleen zo moeten we liefde durven geven. In het groot of in het klein.

En terwijl ik naar het liedje kijk, de #MeToo verhalen voorbij zie komen kan ik alleen maar denken: ‘men, we hebben allemaal koestering en liefde vanuit een oprecht Hart nodig. Om verder te kijken dan onze eigen lusten en te durven opstaan tegen dit onrecht.’

Ik zucht. Wanneer de daders met hun verhaal naar buiten komen? Geen idee. Donker gesloten ruimtes, maar niemand die met een boordje: Me Too naar buiten stapt. ‘Ik was het’. Het recht is nog niet geschied. Maar komt wel. God gaat het recht volledig in handen nemen. Dat Jezus al het onrecht en  de walgelijke daden op Zich nam, gaat me boven het hoofd.

Ik honger en ik dorst. Naar gerechtigheid. Naar dat warme Hart. Naar het moment dat heel de aarde wordt vervuld met recht en heerlijkheid.

Anne

“Ik kijk mijn moeder aan: ik hoop echt dat mij dit nooit, nóóit zal overkomen..”

Anne Faber
De dood verklaarde zich niet nader.
Zweeg als het graf. Verdween en kwam. 
Vertelde niet waarom het haar leven
en niet het mijne nam.

Ontferm. Kerm. Zonder stem.
Alleen met tranen.
Omarm de mensen met hun lijdende vragen.
Waarom. Ik vraag mee. Verslagen.

Anne Faber
De dood verklaarde zich niet nader.
Zweeg als het graf.
Nam het adem gekregen leven af.
Doofde de vlam. Liet niet meer roepen naar pap of mam.

Anne Faber
Haar dood verklaarde zich niet nader.
Zweeg als het graf.
Verdween en kwam.
Vertelde niet waarom het haar leven
en niet het mijne nam.

Luistert U?

Luistert U?

Luistert U naar mijn kreten
Als ik geen mooie volzinnen weet te brengen
en roep naar U daar boven
maar Uw woorden even ben vergeten?

Luistert U naar mijn zuchten
Als ik niet meer kan vertellen,
Mijn dagen, zonden en wonden
mijn eindeloze vluchten?

Luistert U naar mijn hart
Als ik het niet durf uit te spreken
Geen woorden aan mijn hartentaal wil geven
Mijn gedachtes zijn verward?

Luistert U naar mijn verhalen
Als ik U iets vertel wat ik nog nooit heb gezegd
mijn worstelingen, schaamte en geheimen
als ik woorden geef aan alles wat ik eigenlijk niet wilde openhalen?

Luistert U naar mijn oogwenk
Als ik vragend naar boven kijk
Dank en vecht met mijn vragen
En U weer wat van mijn twijfels schenk?

Luistert U naar mijn tranen die stromen
van pijn of dankbaarheid
die geen woorden kunnen vinden
of enkel uit mijn hart komen?

U luistert hoe ik ook kom
Zondig, zuchtend, worstelend,
vergeven en rein
U wil en zal altijd, altijd mijn Genadige Luisteraar zijn.

Liefdevolle en lege grashanden van God

Het ruisen van de habijten klinkt de kerk door, gefascineerd staar ik naar de oude zusters die vol eerbied knielen, bidden en zingen. Het loflied wordt aangeheven, de schuld wordt beleden en voor de wereld wordt gebeden. Rust. Stilte. Totaal. Zomaar ben ik uit de drukte van Rotterdam en studie getrokken en neergezet in een klooster ergens in Brabant. Stilte.

Gelukkig zit het weer mee en staat de kloostertuin mooi in bloei. Ik lig in het gras en lees honderd keer hetzelfde bijbel vers, omdat ik het maar niet kan snappen dat ik álles in bidden en smeken met dankzegging bij God bekend kan maken. Ik overdenk, val in slaap in het gras en wordt weer wakker. Ik wil graag antwoorden, veel antwoorden. Daarom ben ik de stilte ook gaan opzoeken, eindelijk eens tijd om heel mijn hart bij God uit te storten, maar bovenal, tijd om honderd antwoorden van God te krijgen. Teksten en tekenen, een goede stille tijd.

Wandelend door de tuin kom ik aan bij de ponny’s. Ik sta stil, pluk wat gras en steek mijn hand naar ze uit. Ze komen naar me toe, logisch. Ze zien het gras. Ietsje later strek ik alleen mijn hand uit, mijn lege hand. Ik wil ze aaien dit keer. Maar, ze komen niet. Logisch, dit keer heb ik geen gras wat ze kunnen eten. Ik kijk bedenkelijk, ik wil ze gewoon even liefdevol aaien maar dat lijkt niet genoeg. Ik schrik even en denk: ‘Ben ik ook zo naar God toe? Dat ik alleen maar kom als ik zie dat Hij iets geeft?’ Kan ik ook gewoon naar God toe omdat ik zie dat Hij Zijn lege hand liefdevol uitstrekt en wil laten weten dat Hij van me houdt? Het ontroerd en raakt me. Hoe lang is het geleden dat ik gewoon de tijd nam om bij God te zijn, omdat God, God is? Hoe vaak heb ik mij afgelopen maanden wel niet naar God toe geworsteld omdat ik nou eenmaal antwoorden wilde hebben op de grote levensvragen in mijn leven?

Ik zou eens vaker naar Zijn liefdevolle en lege-gras handen moeten komen. Want Hij houdt echt niet alleen van me als Hij wat geeft. Hij houdt juist van me door soms alles te laten vallen en Zichzelf te geven. Liefde, dat zijn de lege handen van God. Met maar één doel. Ik in Zijn nabijheid. Laten zien dat Hij van me houdt.

De tijd van rust is aangebroken. Durf ik gewoon even stil te staan en bij de lege handen van God te komen? Ik heb geen duizend antwoorden nodig, geen honderd bevestigingen, geen tientallen opvullingen van de dingen waaraan ik  vind dat het mij ontbreekt. Ik heb uiteindelijk alleen maar God nodig.

Daar staat Hij, met lege handen. Klaar om jou en mij te ontvangen. Leg je verlangens maar neer, prevel en zucht ze maar. Laat je tranen maar gaan, vertel je pijn en stel al je vragen. Maar bovenal, wees gewoon bij Hem, omdat Hij God is, en jij niet. En bedank Hem, zonder dat je ook maar iets concreets hebt ontvangen van wat je hebt uitgestort. Bedank Hem maar gewoon voor Zijn lege liefdevolle handen.

Vier dat er geen mens kan zijn op deze aarde die Hem weerhoudt om onze goede God te zijn. De God van de lege handen, Die overvloed geeft door Zijn aanwezigheid in mijn leven. Laat alles even vallen, hou je handen leeg en hou ze open. Hij is er, staat klaar met lege handen. Jij in Zijn nabijheid. Hij wil laten zien dat Hij van je houdt.

Dat was misschien nog wel de grootste les in het klooster: dat ik alles wilde weten en zo het zicht op God was vergeten. Door mijn vragen en eindeloos van alles willen ontvangen van God, zag ik de lege liefdevolle handen van God niet meer. Hij strekt ze uit, elke dag. Ik wilde niet komen, nam met alleen Zijn aanwezigheid niet genoeg. Elke dag.

Ik wil komen. Vandaag, morgen en alle dagen die volgen. Beter één dag bij Zijn lege liefdevolle handen en Zijn overvloedige aanwezigheid, dan duizend ergens anders. En ja, er komen tijden dat ik dat niet wil. Maar dan nog, wil Hij het wel en blijft Hij daar staan met lege-liefdevolle handen. Liefde. Dat zijn de lege handen van God. Hij geeft Zichzelf.

Ga je mee?

 

Al de dagen

Geniet, huil en heb lief
Al de dagen van je vluchtige leven
ontvang, deel uit van alles wat je is gegeven
leef, besta en doe je werk
hou je hoofd omhoog, sta in je Schepper sterk.

Bouw, breek af en lach
Al de dagen van je vluchtige leven
bewaar, omhels de mensen die je zijn gegeven
Verlies, zwijg, spreek en laat gaan
ontvang van je Schepper
al die rauwe en mooie dagen van je vluchtige bestaan.